Op basis van die score, 'krijgt' het voedingsmiddel een letter met bijhorende kleur: van donkergroen tot donkerrood.

Het algoritme op basis waarvan de score wordt berekend, houdt rekening met zowel positieve als negatieve elementen. Zo heeft het gehalte aan suikers, verzadigde vetzuren, calorieën en zout een negatieve impact op de score, terwijl het gehalte aan fruit, groenten, vezels of eiwitten de score kan opkrikken.

"Zo maken we het de mensen makkelijk om voor een gezonde voeding te kiezen", motiveert de minister haar beslissing om de nutri-score in te voeren. De Block kiest voor de nutri-score omdat die bij een test in Frankrijk een grotere impact bleek te hebben op het koopgedrag dan andere systemen, zoals de Britse traffic lights.

Ook is het een eenvoudig systeem waarmee de consument in één oogopslag een globale score van het product kan zien. Voorts heeft het de steun van betrokken stakeholders, wat het effect kan vergroten, klinkt het.

Vrijwillig

Voedselproducenten of verdelers worden overigens niet verplicht het label te gebruiken. Het is een vrijwillig initiatief, benadrukt De Block. Wel hoopt ze dat zoveel mogelijk betrokken bedrijven het label overnemen.

Warenhuisketen Colruyt Group kondigde al aan dit najaar met de nutri-score te starten, in eerste instantie met een tiental producten. Delhaize gebruikt het label al voor yoghurt en ontbijtgranen, binnenkort ook voor verse soepen en bereide maaltijden van het huismerk.

In een reactie aan Het Nieuwsblad laat Fevia, de federatie van de Belgische voedingsindustrie, weten dat "het merendeel van de voedselproducenten hier geen voorstander van is en het [label] wellicht niet zal gebruiken". De federatie argumenteert dat de kleurcode te "simplistisch" zou zijn om mensen grondig te informeren. Het systeem zou ook "te stigmatiserend" zijn ten aanzien van bepaalde producten.