...

Er was eens een jonge huisarts. Hij zag met lede ogen aan hoe onduidelijk de positie van de huisarts in onze gezondheidszorg geworden is. Het lijkt het begin van een sprookje, maar dat is het niet. Het gaat niet goed met de huisarts. Signalen uit het veld zijn verontrustend: een op drie collega's overweegt te stoppen. Ik ben nogal koppig en zal er niet zomaar de brui aan geven. Er zijn genoeg uitdagingen waar ik graag mijn steentje aan zou willen bijdragen, maar heb alle begrip voor collega's die willen stoppen. Het werk in coronatijden was zeer dubbel voor de huisarts. Enerzijds was er 'het beest', anderzijds waren er de snottebellen. We hebben in de beginfase zeker onze bijdrage kunnen leveren in het bekampen van dit verschrikkelijke beest. Al vind ik dat de huisarts - na de 'onbekende fase', vanaf juni 2020 '' veel te weinig op een brede manier werd ingezet in het bekampen van de pandemie. Een grootschalige campagne rond preventie had perfect ingepast kunnen worden, maar preventieve en chronische consulten bleven uit. Ze werden uitgesteld: door angst van de patiënt of te hoge agendadruk. Die druk kwam grotendeels doordat we veel 'snottebellen' op ons bord kregen: covidadministratie, bovenop de bestaande administratieve druk, banale consulten, telefonische overbelasting, wisseren aan de lopende band. De huisarts was op een gegeven moment 'snottebellenmanager'. Dit zorgde er op de koop toe voor dat het vaccinatiegegeven aan onze neus voorbijgegaan is. Moeilijke vragen beantwoorden en administratie mochten we nog doen; prikken zetten, daar waren we "te moe" voor. Nochtans is vaccinatie een belangrijke huisartsgeneeskundige taak: we hebben een frigo vol vaccins in alle kleuren. Hoe moet het nu verder? Ik zie dit zelf als een van de laatste kansen om structureel iets te veranderen. Omdat ik voel dat er een momentum is. Maar de tijd tikt... Ik denk dat we een concreet plan rond de volgende zes topics moeten uitwerken: een visie op huisartsgeneeskunde, praktijkorganisatie, praktijkondersteuning, medische uitdagingen, technologische ondersteuning en de huisartsenopleiding. Met voorstellen op alle niveaus, van micro- tot macroniveau.Waarom kijken we vooral naar onze noorderburen, terwijl er nog vele andere interessante landen en netwerken zijn waarvan we met onze ogen kunnen stelen? Een eigen huisartsidentiteit creëer je niet door je buurman na te apen, evenmin door tabula rasa te doen. Een nieuwe, verfrissende visie combineert in mijn ogen de beste elementen van verschillende systemen, waar je je eigen touch aan geeft. Persoonlijk heeft de afgelopen periode mij meer doen snakken naar kleinschaligheid. Dichtbij patiënten, veel persoonlijker, continuïteit... De touwtjes strak in handen houden. Dit met goede, al dan niet deeltijdse, ondersteuning van een praktijkassistent en verpleegkundige. Die ondersteuning heeft in mijn ogen een meerwaarde: het consult moet maximaal besteed worden aan echt met geneeskunde bezig zijn. We moeten ervoor zorgen dat we weer een beroep creëren waarop huidige en toekomstige collega-huisartsen verliefd kunnen worden. Laten we de komende maanden gebruiken om met concrete voorstellen een inhoudelijk debat te voeren over de toekomst van het beroep. Ik ben zeker bereid een eerste schot voor de boeg te lossen. Wie weet krijgt de huisartsenstiel dan toch nog het sprookjeseinde die deze verdient en wordt het beest weer een beauty.