De frequentste tumor bij mannen bij wie het PSA-gehalte wordt gemeten om prostaatkanker op te sporen, is een kanker met een gleasonscore van 6. Moet je zo'n kanker behandelen of volstaat het de patiënt te volgen? Dat is een gecompliceerd beslissingsproces.

Sommigen stellen dat je moet oppassen met een diagnose van prostaatkanker met een gleasonscore van 6. Studies hebben immers aangetoond dat het bij postoperatief onderzoek in een aantal gevallen ging om een tumor met een gleasonscore van 7 (overwegend 3 + 4), die zich gedraagt als een tumor met een gleasonscore van 6. Anderen voeren aan dat longitudinale studies hebben aangetoond dat een prostaatkanker met een gleasonscore van 6 nooit metastasen geeft. Daar komt nog bij dat prostaatbiopsies en chirurgie bij een aanzienlijk aantal mannen zinloos zijn en bovendien ernstige klinische gevolgen kunnen hebben zoals urine-incontinentie en erectiestoornissen.

Er wordt koortsachtig gezocht naar een betrouwbare genetische marker of biomarker, waarmee je een prostaatkanker met een gleasonscore van 6 zou kunnen onderscheiden van een prostaatkanker die toch zou kunnen metastaseren. Maar zover zijn we nog niet. In afwachting moet je mannen met een prostaatkanker met een gleasonscore van 6 heldere informatie geven over wat dit inhoudt voor hun toekomst. Almaar meer patholoog-anatomen en clinici zouden prostaatkanker met een gleasonscore van 6 graag anders benoemen, bijvoorbeeld met de term neoplasma. Die boezemt minder angst in en drijft mannen er niet toe om overhaaste beslissingen te nemen. Misschien kunnen (alle) clinici en patholoog-anatomen proberen om tot een consensus hierover te komen.

Medscape Oncology 2018