...

Dat antwoordde minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) in de federale Commissie gezondheid en gelijke kansen op een vraag van N-VA parlementslid Frieda Gijbels, zelf tandarts-parodontoloog van beroep. Met het geld vergoedt het Riziv de wetenschappelijke teams voor hun werk. Daarmee kan de 'inhoud' van de nomenclatuur bestudeerd worden. IT, wetgevingsaspecten en gerelateerde effecten op andere sectoren die de nomenclatuur gebruiken, vallen er buiten. Zoals bekend is de hervorming opgedeeld in verschillende fasen. We zetten ze even op een rijtje. Fase 1 (ULB, Möbius en UGent). Herstructurering en aanpassing omschrijvingen technische medisch-chirurgische handelingen volgens de internationale classificatie van de WHO. Fase 1bis (ULB). Omzetting bestaande nomenclatuur in de nieuwe geherstructureerde nomenclatuur. Fase 2.1 (ULB/KU Leuven en Möbius). Uitwerking op basis van duurtijd, complexiteit en risico van een relatieve waardeschaal voor het professionele deel van de medische prestaties. Fase 2.2 (ULB/KU Leuven en Möbius) Vaststelling werkingskosten verstrekkingen op basis van de bestaande nomenclatuur. Doel is de werkingskosten te isoleren van het professionele deel. Consultancybureau Möbius heeft tot taak de nomenclatuur van geautomatiseerde en geassimileerde medische technische handelingen in de klinische biologie, pathologische anatomie, radiotherapie, nucleaire geneeskunde in vitro en genetica te herstructureren. De UGent was belast met een hervorming van de raadplegingen en daarmee samenhangende handelingen maar dat luik wordt verdergezet door een werkgroep onder leiding van Jo De Cock. Het globale budget voor de studie van de nomenclatuurhervorming bedraagt 10,57 miljoen euro en wordt als volgt verdeeld. De ULB ontvangt 1.281.843,75 euro, Möbius 1.632.279,47 euro en de UGent 175.583,90 euro. Daarnaast verdelen ULB en KU Leuven 3.454.056,32 euro onder elkaar. Beide universiteiten krijgen bijkomend 393.250 euro ter beschikking om artsen- experten te vergoeden en 3,63 miljoen voor de deelname van de peilziekenhuizen. Voor 2025-2026 is nog een budget van 3,146 miljoen voorzien om de analyse van de werkingskosten verder te verfijnen. Dat kan pas nadat de nieuwe nomenclatuurcodes zijn opgenomen in de facturatiepakketten van de ziekenhuizen. De tandem ULB-KU Leuven brengt de applicatie op het terrein in kaart samen met de peilziekenhuizen. Slotsom: de hele herijkingsoefening kost 13.716.013 euro. Daarvan is momenteel bijna 2,77 miljoen uitbetaald. Het bedrag is voldoende groot om er zich vragen bij te stellen, vindt kamerlid Frieda Gijbels. "Het gaat over meer dan tien miljoen. Daar mag heel wat tegenover staan, zoals een grondige terreinkennis en expertise", aldus Gijbels. "De vraag is of deze constellatie wel de meeste waarde biedt voor het geld dat men eraan spendeert. Heel onduidelijk is bijvoorbeeld de meerwaarde van het consultancybureau Möbius. Maar op mijn vraag daarover ging Vandenbroucke niet in." Gijbels schuift ook een alternatief naar voren. Wellicht was de hervorming een kolfje naar de hand van de sector zelf. "Men had een vaste enveloppe kunnen voorzien waarbinnen bekeken wordt welke behandelingen achterhaald en niet meer wetenschappelijk ondersteund zijn. Zo kan binnen die enveloppe geld worden vrijgemaakt voor innovatie", aldus Frieda Gijbels. Vandenbroucke ging niet akkoord. "De hervorming is een bijzonder groot werk dat de sector niet zelf kan doen", vond hij. "Daar moet je wetenschappelijke equipes opzetten. Het gaat niet over wat obsoleet is, wel over een nieuwe structuur voor de nomenclatuurcodes. Het ULB-team vraagt zich van alle nomenclatuurcodes af wat de verhouding is op een waardeschaal - die men later in euro zal uitdrukken - met de andere nomenclatuurcodes. Dat is geen uitzuivering van ondoelmatigheid, het gaat over het vergoedingsniveau volgens een Amerikaanse methode. Dat is werk voor een wetenschappelijk expert met advies van het terrein", aldus de minister.