Alles over Grondwettelijk Hof

De federale overheid heeft regelgeving in de maak om de kwaliteit van zorg in risicovolle praktijken te bewaken. Een verplicht risico assessment en afspraken tussen privépraktijken en ziekenhuizen maken daar deel van uit.

De wet die btw invoert voor ingrepen met een esthetisch karakter, moet herschreven worden. Het Grondwettelijk Hof vond de bezwaren die namens esthetisch chirurgen werden aangevoerd voor het grootste deel gegrond.

Donderdag 15 juni vond de installatievergadering plaats van de Federale Raad voor de Geestelijke Gezondheidszorgberoepen. De raad kan meteen aan de slag met het verstrekken van een aantal dringen adviezen.

Het Grondwettelijk Hof vernietigt een onderdeel van het systeem van referentiebedragen. Dat - in de oude berekeningswijze - het terugbetalen bedrag kon worden berekend op een mediane uitgave van nul euro, was volgens het Hof een brug te ver. Mogelijk hebben sommige ziekenhuizen te veel moeten terugbetalen.

Psychotherapeuten die een praktijk uitoefenden maar niet voldoen aan de nieuwe vereisten van de wet van 10 juli 2016, kunnen hun praktijk, in ieder geval voorlopig, voortzetten. Het Grondwettelijk Hof vindt dat de wet in een betere overgangsregeling moet voorzien. Het Hof onderzoekt de wet verder.

De orthopedagogen tekenen beroep aan bij het Grondwettelijk Hof omdat recente bepalingen in het KB78 hen zou benadelen tegenover de klinisch psychologen. Het Hof stuurt hen voor het moment evenwel met een kluitje in het riet.

Het Grondwettelijk Hof verwerpt het beroep dat verschillende partijen aantekenden tegen de sociale derdebetalersregeling, die een goed jaar geleden voor huisartsen verplicht werd. Het arrest betreft een verzoekschrift van de Bvas, en een tweede van de huisartsen Piet De Baets en Rufij Baeke samen met het SVH.

In Artsenkrant 2387 van 5 december 2014 hekelen de oftalmologen het standpunt van het Geneesmiddelenagentschap over de behandeling van leeftijdsgebonden vochtige maculadegeneratie. Volgens de oftalmologen kan deze aandoening worden behandeld met het goedkopere Avastin in plaats van het dure Lucentis. Lucentis is echter - in tegenstelling tot Avastin - het enige geneesmiddel met een marktvergunning voor deze aandoening. Het is dan ook de vraag of het kankergeneesmiddel Avastin - dat een ander molecule is dan Lucentis - kan worden gebruikt voor de behandelingen van oftalmologische aandoeningen waarvoor enkel Lucentis werd goedgekeurd.