...

We zijn ongeveer gelijk met de ziekenhuizen gaan denken over onze kwaliteit", zegt Vandenbussche. "Maar ziekenhuizen zijn grotere organisaties, ze hebben er belang bij zich te profileren, ze kunnen dit beter binnen hun financiering passen." In overleg met de overheid kwam een regelgeving tot stand, inclusief een transparante communicatie over de kwaliteit. "Het illustreert mooi wat er mogelijk is, en waar wij als huisartsen al 15 à 20 jaar zitten op te wachten."Toch staan de huisartsen nog aan het begin van een lang traject. Op het VIKZ-forum van vrijdag 6 december maakten naast de huisartsen ook de kinesitherapeuten, de ergotherapeuten, de voedingsdeskundigen en zo voorts een stand van zaken op. Het verst met de ontwikkeling van indicatoren staat mogelijk de welzijnssector, denkt Svin Deneckere. De Diensten Maatschappelijke Welzijn en Gezinszorg zullen mogelijk al publiekelijk rapporteren op zorgkwaliteit.be eind volgend jaar, begin 2021."In de loop van 2020 gaan we verder na in hoeverre rapportering uit de bestaande databanken al mogelijk is", stelt de VIKZ-directeur. "We denken aan indicatoren voor de Eerstelijnszones en Regionale zorgzones." Bronnen zijn bijvoorbeeld beschikbaar voor de vaccinatiegraad, de dekkingsgraad voor verschillende vormen van screening op kanker,... Deneckere noemt verder: ziekenhuisopnamen voor vermijdbare oorzaken, suïcidecijfers, medicatie (bv. antibiotica), het aantal volledige medicatieschema's,...Daarnaast signaleert Deneckere dat het Vlaams Patiëntenplatform een sectorbrede patiëntenbevraging voor de eerste lijn op touw zet, waarvan hij hoopt in 2021/2022 ook de eerste, locatiegebonden resultaten op zorgkwaliteit.be te kunnen rapporteren."Het VIKZ en Vivel bieden de huisartsen nieuwe mogelijkheden voor een kwaliteitsbeleid maar ze werken sectorbreed voor de eerste lijn", weet Vanden Bussche. "Huisartsen zijn voor de regelgeving en de financiering nog sterk afhankelijk van de federale overheid. Daardoor vallen we een beetje tussen twee stoelen in", stelt hij. Er moet een consistent en congruent beleid komen waarbij verschillende partners in overleg treden: de Vlaamse beleidsinstanties, de federale minister van Volksgezondheid en het EBpracticenet - dat voor een kwaliteitsvolle praktijk onmisbare diensten levert. "Dat moet gebeuren samen met de beroepsgroep", onderstreept Vanden Bussche. Dat heeft volgens hem minister De Block bij de uitwerking van de Kwaliteitswet jammer genoeg nagelaten.Het doel van metingen binnen de huisartsenpraktijk moet zijn om verbeterpunten voor de individuele praktijk zichtbaar te maken. Resultaten kenbaar maken op het lokale microniveau is onmisbaar binnen een actueel kwaliteitsbeleid, vindt hij. Registratie moet geruisloos verlopen: gemeten resultaten exporteren naar een databank mag niet meer moeite kosten dan een druk op de knop. Het elektronische GMD van de huisarts is dan ook een onmisbaar instrument voor een kwaliteitsbeleid, maar moet daar bij de ontwikkeling verder op afgestemd worden.Piet Vanden Bussche stipt verder aan dat:Huisartsenkringen een belangrijke rol spelen in het ondersteunen van de huisartsenpraktijken - de aandacht zal van navorming verschuiven naar zorgkwaliteit.Een geactualiseerde 'minimal standards'-set een basis vormt voor een nieuwe praktijkaccreditatie op maat van de huisarts - voor de "geïnteresseerde huisarts" die aan de hand van deze minimumvoorwaarden de kwalitatieve zorg verder wil optimaliseren.Naast deze minimal standards vormt voor Domus Medica de veiligheid van de zorg een belangrijk speerpunt.