...

Voordelen van een betere controle van prehypertensiePrehypertensie (een systolische bloeddruk van 120-139 mmHg en een diastolische bloeddruk van 80-89 mmHg) is geen systematische indicatie voor behandeling tenzij bij patiënten met diabetes of nierlijden. Bij die patiënten raadt de WGO aan een behandeling te starten als de systolische bloeddruk hoger is dan 130 mmHg of als de diastolische bloeddruk hoger is dan 90 mmHg. Volgens een onlangs gepubliceerde meta-analyse van 51 studies van de impact van een bloeddrukverlagende behandeling correleert een daling van de systolische bloeddruk met 5 mmHg met een daling van het risico op ernstige cardiovasculaire accidenten met 10%. De invloed van behandeling van prehypertensie bij hiv-geïnfecteerde patiënten is niet bekend. Om de haalbaarheid en de werkzaamheid van een bloeddrukverlagende behandeling in dat stadium te evalueren, hebben dr. Lily Yan de Weill van het Medical College of Cornell University in New York en vorsers van het hiv-referentiecentrum GHESKIO in Haïti een gerandomiseerde studie (1) uitgevoerd bij 250 seropositieve mensen met prehypertensie. De studie heeft een onmiddellijke behandeling met amlodipine (de standaardbehandeling voor hypertensie in Haïti) vergeleken met een uitstel van de behandeling tot de bloeddruk was gestegen tot 140/90 mmHg. Na 12 maanden follow-up was de systolische bloeddruk in de vroeg behandelde groep gedaald met 10 mmHg en de diastolische bloeddruk met 8 mmHg. De bloeddruk was gemiddeld 5 mmHg lager in de vroeg behandelde grep dan in de laat behandelde groep. Na een follow-up van een jaar bedroeg het aantal patiënten met prehypertensie waarbij de bloeddruk normaal was geworden, respectievelijk 57% en 36%. Het aantal patiënten dat was geëvolueerd naar duidelijke hypertensie (140/80 mmHg), bedroeg respectievelijk 39% en 64%.De EXTRA-CVD-strategie bij hypertensie en hypercholesterolemieEen andere interessante studie die tijdens de CROI 2024 is gepresenteerd, is de EXTRA-CVD-studie (2) uitgevoerd door een groep Amerikaanse vorsers die een beleid heeft uitgestippeld voor de behandeling van hypertensie en hypercholesterolemie waarbij de belangrijkste obstakels tegen behandeling van die aandoeningen in het kader van de eerstelijnszorg van hiv-geïnfecteerde patiënten werden omzeild. De studie is uitgevoerd in de hiv-referentiecentra van de universitaire ziekenhuizen van Ohio en North Carolina bij 297 hiv-geïnfecteerde patiënten met hypertensie en hypercholesterolemie. De patiënten werden gerandomiseerd naar zorg verstrekt door een verpleegkundige met controle van de bloeddruk thuis of naar de standaardzorg met educatie over preventie. De patiënten werden gedurende 12 maanden gevolgd. De verpleegkundigen hebben de patiënten van de interventiegroep om de twee maanden teruggezien om de voortgang te evalueren, hebben ook telefonische contacten voorzien en contact gehouden met de verwijzende artsen. De mediane leeftijd van de patiënten was 59 jaar. 79% mannen, 59% Afro-Amerikanen en de mediane systolische bloeddruk was 135 mmHg. Iets meer dan één op de vijf patiënten (22%) nam minstens drie antihypertensiva in, 68% kreeg een statine en de mediane non-HDL-cholesterolconcentratie was 139 mg/dl. EXTRA-CVD: impact op hypertensieNa een jaar was de bloeddruk 4,2 mmHg lager in de interventiegroep dan in de controlegroep (p = 0,04). Na 4 en 8 maanden was de bloeddruk significant meer gedaald bij vrouwen dan bij mannen. Dat was niet zo na 12 maanden. Na 12 maanden was de waarschijnlijkheid van behandeling voor hypertensie 30% hoger in de interventiegroep en het aantal patiënten bij wie de streefwaarde voor de bloeddruk, zijnde lager dan 130/80 mmHg, was bereikt, was bijna driemaal hoger in de interventiegroep.EXTRA-CVD: impact op hypercholesterolemie Na een jaar was de non-HDL-cholesterolconcentratie 16 mg/dl lager in de interventiegroep (p < 0,001). Het aantal patiënten dat een cholesterolverlager kreeg, was niet hoger in de interventiegroep, maar het aantal patiënten waarbij de streefwaarde voor de non-HDL-cholesterolconcentratie (zijnde lager dan 130 mg/dl of lager dan 100 mg/dl in geval van een hoog cardiovasculair risico) werd bereikt, was zevenmaal hoger in die groep.Ref.: 1) Yan L. et al. Abstract 148, CROI 2024, Denver. 2) Longenecker C. et al. Abstract 149, CROI 2024, Denver.