...

Ziekte van Alzheimer en 'humaan' reverse transcriptaseOns genoom bevat een grote hoeveelheid virale DNA-sequenties als gevolg van vroegere pandemieën (ongeveer 8% van de totale lengte van het DNA). Zodra die sequenties in ons genoom zijn ingebouwd, zijn ze er moeilijk uit te krijgen en dat geldt ook voor het DNA van het hiv. Ons immuunsysteem heeft daarom een systeem ontwikkeld dat die sequenties ernstig beschadigt zodat ze geen intacte virussen meer kunnen voortbrengen, maar toch nog bepaalde virale eiwitten kunnen produceren en met name enzymen zoals het reverse transcriptase. Tot voor kort hebben we altijd gedacht dat de mens onmogelijk dergelijke enzymen kan aanmaken. Die zetten immers RNA om in DNA, een proces dat erg gevaarlijk en zinloos is voor niet-virale organismen aangezien er vaak fouten optreden. Aanwezigheid van een reverse-transcriptasegen in het humane genoom wordt dan ook toegeschreven aan eerdere infecties door hiv-achtige virussen. Volgens fundamenteel onderzoek zouden die reverse-transcriptase-enzymen nog willekeurige recombinaties en genetische amplificaties (stijging van het aantal kopieën van schadelijke genen) kunnen veroorzaken in de hersencellen. Dat leidt tot de vorming van disfunctionele eiwitten die aan elkaar klitten en de zenuwcellen schade berokkenen bij patiënten met een ziekte van Alzheimer. De vorsers zijn uitgegaan van de hypothese dat NRTI's, die het reverse transcriptase van het virus remmen, ook het reverse transcriptase dat onze cellen produceren, zouden kunnen remmen. Dat gelijkt immers op het reverse transcriptase van het virus. Die remming zou eventueel kunnen beschermen tegen de ziekte van Alzheimer. Collegae uit Philadelphia hebben een studie uitgevoerd om die hypothese te toetsen. NRTI's bieden mogelijk beschermingDe vorsers hebben de gegevens van 43.000 mensen doorgenomen, die ze in drie groepen hebben ingedeeld:De patiënten werden gedurende gemiddeld twee jaar en negen maanden gevolgd. De incidentie van ziekte van Alzheimer was lager in de eerste groep, hiv-dragers die NRTI's innamen. Minder dan 3 op de 1.000 patiënten in die cohorte hebben een ziekte van Alzheimer gekregen. In de tweede cohorte, hiv-dragers die een behandeling zonder NRTI's kregen of geen behandeling, was de incidentie van ziekte van Alzheimer hoger dan in de eerste cohorte, maar lager dan in de derde cohorte (hiv-negatieve controlegroep). Het verschil met de eerste groep verdween echter als bij de analyse rekening werd gehouden met de leeftijd en het geslacht. In de tweede cohorte was de incidentie van ziekte van Alzheimer na correctie iets hoger dan 3,5 per 1.000 personen. In de derde cohorte, de hiv-negatieve controlegroep zonder behandeling, was de incidentie van ziekte van Alzheimer het hoogst: iets meer dan 6 op de 1.000.Slotsom: interessant, maar voorzichtigheid is gebodenEerdere onderzoeken hebben een direct of indirect verband vastgesteld tussen verschillende virussen en de ziekte van Alzheimer. Neemt niet weg dat alzheimer een multifactoriële ziekte is. Sommige virussen en ontstekingsziekten kunnen bijdragen tot de ontwikkeling ervan, maar andere factoren (genetische, levenswijze ...) kunnen niet worden uitgesloten. NRTI's lijken het risico op de ziekte van Alzheimer te verkleinen, maar misschien niet via het mechanisme dat de vorsers beschrijven. Sommige NRTI's kunnen het inflammasoom onderdrukken, wat ook indirect de hersenen kan beschermen. Tot slot en vooral mogen we niet uit het oog verliezen dat het een retrospectieve studie is en geen gerandomiseerde. De studie vertoont overigens wat zwaktes: een vrij korte follow-up en verschillen in leeftijd en geslacht tussen de cohortes. Gerandomiseerde, gecontroleerde studies zijn nodig om een definitief antwoord te kunnen geven op de vraag of NRTI's hiv-negatieve mensen beschermen tegen de ziekte van Alzheimer. Ref.: Chow T et al. Pharmaceuticals 2024, 17(4), vrij toegankelijk op de website.