...

Aantasting van de hersenbloedvaatjes is goed is voor ruim een derde van de gevallen van CVA, is de op een na belangrijkste oorzaak van dementie en is een belangrijke factor bij de pathogenese van de ziekte van Parkinson. Ondanks een goede virologische en immunologische controle met een antiretrovirale combinatietherapie is de prevalentie van aantasting van de hersenvaatjes tweemaal hoger bij hiv-geïnfecteerde patiënten van 50 jaar of ouder, ook na correctie voor de klassieke cardiovasculaire risicofactoren. Tegen die achtergrond mocht dan ook de vraag worden gesteld in hoeverre de antiretrovirale behandeling zelf meespeelt bij het ontstaan en de evolutie van de aandoening. Daarom werd de MicroBreak-2-studie op touw gezet bij hiv-geïnfecteerde patiënten die werden behandeld met een combinatie van antiretrovirale middelen sinds minstens een jaar en bij wie het virus was onderdrukt. De gemiddelde leeftijd was 58 jaar. De patiënten werden in twee even grote groepen ingedeeld: 77 patiënten met letsels van de hersenbloedvaatjes bij MRI en 77 patiënten zonder letsels van de hersenbloedvaten. Na correctie voor vertekenende factoren zoals hypertensie, het aantal CD4-cellen, de CD4-CD8-verhouding en de wijze van transmissie van het virus correleerde een behandeling met antiretrovirale middelen, zelfs een lange behandeling, niet met aantasting van de hersenbloedvaatjes. Het cumulatieve risico op aantasting van de hersenvaatjes bedroeg 1 met NRTI's, 0,94 met NNRTI's, 0,96 met proteaseremmers en 0,55 met integraseremmers. Een minpuntje betreffende de klasse van integraseremmers, die nog niet zo lang wordt gebruikt bij de behandeling van hiv-infectie, het model is uitgegaan van al dan niet toediening van een integraseremmer. Voor de andere klassen is het model uitgegaan van het cumulatieve aantal jaren behandeling.Ref.: Januel E. et al. J of AIDS online gepubliceerd op 29/04/2019.