Antiretrovirale behandeling met dolutegravir: analyse van 4.101 Belgische patiënten

Onder de vlag van het Belgische consortium voor hiv-onderzoek (BREACH) hebben vijf universitaire ziekenhuizen en het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen een studie uitgevoerd om de waarde van een antiretrovirale behandeling met dolutegravir bij meer dan 4.000 Belgische patiënten in het reële leven te evalueren. De resultaten werden in de vorm van een ePoster gepresenteerd op het congres van de EACS 2019 in Basel. De studie bevestigt de hoge en langdurige virologische werkzaamheid en de goede veiligheid van een antiretrovirale behandeling op basis van dolutegravir in het 'reële leven'.

Hiv en steatose/NASH: prevalentie en impact van antiretrovirale middelen

Het aantal gevallen van leververvetting, de eerste stap naar NASH, stijgt wereldwijd exponentieel.Hiv-geïnfecteerde patiënten blijven er niet van gespaard. Dat is toe te schrijven aan de vele al bekende metabole risicofactoren, de chronische ontsteking als gevolg van de hiv-infectie en het effect van de behandeling. Een groep uit Rome heeft de prevalentie van leververvetting onderzocht in een groepje van 60 patiënten en heeft de differentiële impact van antiretrovirale middelen en vooral van de nieuwe tweevoudige combinatietherapie van dolutegravir en lamivudine geanalyseerd.

2DR in de richtlijnen van de EACS van 2019

Het is nu, voor de eerste keer, officieel: 2 = 3. De EACS, een veeleisende wetenschappelijke vereniging, raadt in haar nieuwe richtlijnen de combinatie dolutegravir + lamivudine (3TC) aan als eerstelijnstherapie bij patiënten die nog niet worden behandeld, en raadt ook aan patiënten bij wie de virale belasting onmeetbaar laag is met een drievoudige combinatietherapie, over te schakelen op de combinatie dolutegravir + lamivudine.

TANGO: geruststellende evaluatie van het optreden van 'virologische extrasystolen'

Op het congres van de EACS werd een studie gepresenteerd die uitgaande van de patiëntenpopulatie van de TANGO-studie aantoont dat overschakeling van een drievoudige combinatietherapie op basis van TAF op een 2DR, in casu een combinatie van dolutegravir en lamivudine (3TC), niet gepaard gaat met een hogere frequentie van episoden van intermitterende viremie bij patiënten met een onmeetbaar lage virale belasting.

2, het nieuwe magische cijfer bij behandeling met antiretrovirale middelen

Sinds de jaren 1996-1997 en de klinische studies van Gulick en Hammer, die hebben aangetoond dat een drievoudige combinatietherapie efficiënter is dan de toenmalige mono- en tweevoudige combinatietherapie, zijn farmacologen en clinici blijven zoeken naar alternatieven voor die 'magische kogel' van drie antiretrovirale middelen zowel om de therapietrouw van de patiënten te verbeteren als om bijwerkingen van de geneesmiddelen die ze levenslang moeten innemen, te vermijden. Nu bestaan er schema's met twee antiretrovirale middelen (2DR) voor de behandeling van hiv-geïnfecteerde patiënten. Prof. Jean Cyr Yombi (Cliniques Universitaires St Luc, Brussel) geeft een overzicht van het traject dat heeft geleid tot de 'magische kogel' van 2, het nieuwe sleutelcijfer bij de moderne behandeling van het hiv.

GEMINI 1&2: tweevoudige combinatietherapie bij hiv-patiënten die nog geen behandeling kregen

Iedereen kent nu de cijfers van de studies GEMINI 1&2, die hebben aangetoond dat een tweevoudige combinatietherapie met moderne antiretrovirale middelen, in casu dolutegravir en 3TC, virologisch niet minder effectief en niet minder veilig is dan een klassieke drievoudige combinatietherapie bij hiv-geïnfecteerde patiënten die nog geen behandeling kregen (GEMINI 1&2, 48 weken) en dat dit effect op lange termijn gehandhaafd blijft (GEMINI 1&2, 96 weken). Prof. Jean Cyr Yombi (Cliniques Universitaires St Luc, Brussel) bespreekt voor ons zijn eigen analyse van die studies en licht de sterke punten toe die volgens hem ertoe zouden moeten leiden dat de volgende richtlijnen een tweevoudige combinatietherapie met dolutegravir en 3TC zullen aanraden als eerstelijnstherapie bij hiv-geïnfecteerde patiënten die nog geen behandeling kregen.

Kunnen we het stellen zonder TAF?

Volgens prof. Jean Cyr Yombi opent de TANGO-studie de discussie over de plaats van TAF bij de behandeling van patiënten die al een behandeling krijgen. Die studie heeft immers aangetoond dat overschakeling op een tweevoudige combinatietherapie zonder TAF virologisch even effectief en even veilig is als een klassieke drievoudige combinatietherapie met TAF.

Meer dan 50% hiv-patiënten heeft een hart dat minstens 10 jaar ouder is

Vorsers en artsen hebben altijd gedacht dat de leeftijd van het hart van hiv-geïnfecteerde patiënten, een excellente marker van het echte cardiovasculaire risico, gelijk is aan die in de algemene bevolking. De levenswijze, allerlei infecties, het hiv zelf en de toegediende behandeling (antiretrovirale middelen en andere) versnellen echter het verouderingsproces van de organen en de functies van die patiënten. Een groep Amerikaanse vorsers heeft zich dan ook terecht de vraag gesteld: "Wat is de reële leeftijd van het hart van hiv-geïnfecteerde patiënten?"

Paris is burning

De directie van de volksgezondheid in Parijs signaleert een epidemie van een bijzonder virulente recombinante hiv-stam, die gekenmerkt wordt door een bijzonder hoge initiële virale belasting en een snelle daling van de CD4-cellen. Een groep van het Hôpital Pitié Salpêtrière in Parijs beschrijft de epidemie van het X4-virus in het bulletin Eurosurveillance.

Dolutegravir en rifampicine: een compatibel koppel

In het oktobernummer van het tijdschrift Journal of AIDS werd een studie uitgevoerd in Botswana gepubliceerd, die de werkzaamheid en de veiligheid aantoont van een antiretrovirale behandeling op basis van dolutegravir in combinatie met rifampicine bij hiv-geïnfecteerde patiënten die tevens tuberculose hebben. Die weliswaar geruststellende gegevens zijn echter nog niet robuust genoeg om het therapeutische beleid bij hiv-geïnfecteerde patiënten met tuberculose te wijzigen.

LATTE: cabotegravir en rilpivirine nog altijd effectief na 312 weken

Op IDWeek in Washington werd de LATTE-studie gepresenteerd, een fase 2b-studie, waarin de virale belasting tijdens behandeling met cabotegravir en rilpivirine per os eenmaal per dag 5,5 jaar na de inductieperiode van zes maanden bij de meeste patiënten onmeetbaar laag bleef. Uitstekende resultaten die het vertrouwen in cabotegravir enkel maar bevestigen. Momenteel wordt een injecteerbare vorm van cabotegravir getest. Dat moet het mogelijk maken een lichter behandelingsschema uit te dokteren.

Chronische nierinsufficiëntie verhoogt sterfte en morbiditeit bij hiv-patiënten

Volgens een grote Deense studie die in het tijdschrift AIDS werd gepubliceerd, lopen hiv-geïnfecteerde patiënten met chronische nierinsufficiëntie een bijzonder hoog risico om snel een ernstige ziekte te ontwikkelen of te overlijden. Maar door opsporing en aanpak van bepaalde corrigeerbare risicofactoren zou die evolutie kunnen worden voorkomen.

Hiv-infectie, even sterke risicofactor voor nierinsufficiëntie als diabetes

Deense vorsers hebben de prevalentie van nierinsufficiëntie gemeten bij blanke hiv-geïnfecteerde patiënten met een onmeetbaar lage virale belasting zonder extra risicofactoren voor achteruitgang van de nierfunctie. De prevalentie van nierinsufficiëntie bij die patiënten was laag, maar het risico op achteruitgang van de nierfunctie was toch driemaal hoger dan in de controlegroep van hiv-negatieve mensen. Een hiv-infectie blijkt dus een even sterke risicofactor voor de nieren te zijn als diabetes. Daarom moet de nierfunctie bij die patiënten goed worden gevolgd.

Aantal nieuwe hiv-infecties in Frankrijk daalt sterk na behalen twee doelen 90-90-90-programma

Door patiënten bij wie een hiv-infectie werd gediagnosticeerd, meteen te behandelen met antiretrovirale middelen zonder rekening te houden met het aantal CD4-cellen en dankzij het bereiken van de doelstellingen over de behandeling en de virale suppressie van het 90-90-90-programma van UNAIDS sinds 2013 is het aantal primo-infecties en recente hiv-infecties in Frankrijk sterk gedaald. Dat bewijst andermaal de efficiëntie van die strategie in de strijd tegen de hiv-epidemie.

Opiaatsubstitutietherapie verlaagt risico op rebound virus bij vrouwen

Volgens een Canadese studie, die werd gepresenteerd op het congres van de IAS in 2019 in Mexico, verhoogt een opiaatsubstitutietherapie met bijv. methadon de waarschijnlijkheid van een onmeetbaar lage virale belasting bij vrouwen die drugs spuiten. Waarschijnlijk is dat te danken aan een betere therapietrouw ten aanzien van de antiretrovirale middelen.

WHO erkent belang van PrEP volgens noodzaak bij MSM

Tijdens een persconferentie op het congres van de IAS in Mexico in 2019 heeft de WHO een update gepresenteerd van de richtlijnen voor toegang tot PrEP. De WHO pleit nu ook voor PrEP volgens noodzaak, ook de '2+1+1'-strategie om hiv-overdracht tussen mannen die seks hebben met mannen (MSM) te voorkomen. Een nieuwe stap voorwaarts voor PrEP, een strategie die bijzonder effectief blijkt te zijn bij de preventie van hiv-overdracht bij mensen die een zeer hoog risico lopen.