...

Ze hebben voor hun meta-analyse 56 studies gehandhaafd bij in het totaal 14.427 patiënten. De cumulatieve incidentie van aantasting van de coronaire microcirculatie bedroeg 41% (95% betrouwbaarheidsinterval: 36-47%) en die van spastische angina pectoris (epicardiale of microvasculaire spasme): 49% (95% BI: 43-56%). De waarschijnlijkheid van aantasting van de coronaire microcirculatie was 45% hoger bij vrouwen. Er was geen verschil in de prevalentie van spastische angina pectoris tussen mannen en vrouwen.Een zwak punt van de meta-analyse is, zoals de auteurs zelf aanhalen, de heterogeniteit van de studies en meer bepaald de grote verschillen in definitie en diagnostische methoden. Daartegenover staat echter dat de resultaten in dezelfde zin gaan ongeacht de gebruikte diagnostische methoden en dat de prevalentie van aantasting van de coronaire microcirculatie dezelfde was als de diagnose werd gesteld met invasieve methoden (meting van de coronaire reserve met een doppler of thermodilutie, uitgevoerd bij 45% van de patiënten) dan wel met niet-invasieve methoden (PET-scan, 32% van de patiënten). De diagnose van spastische angina pectoris werd in 98% van de gevallen gesteld met een acetylcholineprovocatietest. Volgens de auteurs moet meer aandacht worden besteed aan de mogelijkheid van ischemie bij patiënten met coronair lijden zonder obstructieve letsels. Een precieze en correcte diagnose is immers essentieel om de geschikte maatregelen te kunnen nemen. De studie kan vrij en gratis worden geraadpleegd.Naar N. Mileva et al. J Am Heart Assoc. 5 april 2022; 11(7): e023207. https://doi.org/10.1161/JAHA.121.023207