...

Patiënten met een Covid-19 kunnen allerhande hersenletsels oplopen. Sinds bijna 18 maanden worden tal van neurologische symptomen beschreven bij Covid-19-patiënten. De vraag rijst dan ook of het sars-CoV-2 geen langetermijneffecten zou kunnen hebben op biologische processen zoals de veroudering.Uitgaande van de gegevensbank UK BioBank, die een MRI van de hersenen bevat van meer dan 45 000 mensen sinds 2014, hebben de vorsers enkele honderden patiënten bij wie een diagnose van Covid-19 was gesteld, uitgenodigd voor een tweede beeldvormingsonderzoek. Ze hebben eventuele veranderingen van de hersenen in samenhang met de sars-CoV-2-infectie geanalyseerd aan de hand van de beelden van multimodale MRI van 785 volwassen patiënten (van 51 tot 81 jaar), van wie er 401 positief hadden getest tussen de twee MRI's. Door middel van een structurele MRI, diffusie-MRI en functionele MRI van de hersenen voor en na de sars-CoV-2-infectie hebben ze de longitudinale veranderingen vergeleken bij die 401 patiënten en de 384 controlepersonen zonder Covid-19. Die twee groepen waren vergelijkbaar qua leeftijd, geslacht, etnische origine en interval tussen de twee beeldvormingsonderzoeken.Er was geen verschil in bloeddruk, BMI, diabetes, rookgedrag, alcoholconsumptie en de sociaaleconomische toestand tussen de patiënten en de controlegroep. De resultaten zijn veeleer verontrustend. Bij de patiënten die een sars-CoV-2-infectie hadden doorgemaakt, hebben de vorsers significante letsels gevonden in de frontale en de temporale kwabben, zones waarin informatie in het geheugen wordt gestockeerd en analytische processen plaatsvinden. Bij het verouderen treden afwijkingen en atrofie van de grijze stof op, maar dat gebeurde sneller en was meer uitgesproken bij de Covid-19-patiënten. Erger nog, dat was ook zo na exclusie van de patiënten die in het ziekenhuis waren opgenomen. Bij patiënten met weinig symptomen werd dus eenzelfde verlies van grijze stof waargenomen.De cognitieve functies waren sterker verminderd bij de 401 patiënten met een sars-CoV-2-infectie dan in de controlegroep. Dat zou kunnen verklaren waarom sommige patiënten na een Covid-19 informatie trager verwerken.Een frappante vaststelling tot slot is dat er bij beeldvormingsonderzoek ook afwijkingen zijn gevonden in de limbische corticale zones die direct gelinkt zijn aan het primaire reuksysteem. Aangezien de mogelijkheid bestaat dat het virus het centrale zenuwstelsel binnendringt via het reukslijmvlies, zou dat een in-vivokenmerk kunnen zijn van verspreiding van de ziekte (of het virus zelf) via de olfactieve banen of van neuro-ontstekingsverschijnselen als gevolg van de infectie of het verlies van sensorische input door anosmie. "Verdere follow-up is wenselijk om na te gaan of de schadelijke effecten van een sars-CoV-2-infectie op de grijze stof gedeeltelijk omkeerbaar zijn, bijvoorbeeld na verbetering van de hyposmie, dan wel of die effecten op lange termijn aanhouden", concluderen de auteurs. (referentie: MedRxiv, 18 augustus 2021, doi: 10.1101/2021.06.11.21258690)