...

Over (visuele) vermoeidheid bij radiologen is de afgelopen jaren heel wat wetenschappelijke literatuur verschenen, weet radioloog Olivier Vanovermeire, voormalig diensthoofd medische beeldvorming bij az groeninge. Radiologen vertoeven dagelijks vele uren achter een beeldscherm. Dit vereist langdurige concentratie, in combinatie met het vermogen om - verschillende soorten - beelden snel te kunnen bekijken, te analyseren en te interpreteren. Daarenboven is de complexiteit van deze taak ook niet te onderschatten. Alles tezamen hebben deze factoren een impact op de (visuele) vermoeidheid, wat op zijn beurt het aantal fouten kan doen toenemen (1). "Deze problematiek is ook Barco niet ontgaan. Als wereldwijd marktleider in beeldschermen voor radiologie zijn we voortdurend op zoek naar nieuwe manieren om klinische nauwkeurigheid, productiviteit en ergonomie te verbeteren voor radiologen. Tot op heden bestaat er echter geen objectieve manier om vermoeidheid te meten. Onderzoek naar vermoeidheid botst namelijk op verschillende uitdagingen", zegt Tom Kimpe, die er VP Technologie & Innovatie is. "Als je radiologen zelf vraagt om hun vermoeidheid te scoren, krijg je doorgaans een onderschatting, zo blijkt uit voorgaande studies. Er zijn studies waarin hersenactiviteit rechtstreeks gelinkt wordt aan vermoeidheid, maar de methode om dit te meten via een EEG (elektro-encefalogram) is zeer intrusief en niet praktisch bruikbaar." "Alternatieve observeerbare factoren om vermoeidheid te meten zijn de snelheid van de oogbewegingen, het aantal keer dat men met de ogen knippert, de mate waarin de ogen geopend zijn, lichaamstaal...", vervolgt Kimpe. "Maar deze factoren zijn afhankelijk van de taak die men uitvoert, en komen niet altijd even sterk tot uiting." De producent in medische beeldschermen en az groeninge, die in het verleden al meermaals samengewerkt hebben en op wandelafstand liggen van elkaar, besluiten daarop zelf een onderzoeksopzet uit te tekenen. Tom Kimpe: "Uitgangspunt was om een discrete opstelling op te zetten zodanig dat de radiologen ongestoord hun werk konden doen." Gedurende vijf weken in januari en februari 2020 werden een aantal schermen en camera's opgesteld, evenals een gaze tracker, een microfoon, en een logsysteem voor toetsenbord en muisbewegingen. Aan de radiologen, vijf in totaal, werd om de 20 minuten via een pop-upmededeling op hun computer gevraagd om hun vermoeidheid een score te geven van één tof vijf (waarbij één erop duidde dat ze zich vermoeid voelden, en vijf uitstekend). "Op die manier konden we de inschatting van de radiologen zelf vergelijken met de metingen van de installatie." De onderzoekers konden heel wat bruikbare en interessante data verzamelen, "maar het is niet zo dat we nu over een objectieve en betrouwbare manier beschikken om vermoeidheid te meten", maakt Tom Kimpe meteen duidelijk. "Wel hebben we uit de data enkele significante correlaties kunnen opmaken, en dat liet ons toe om een model op te stellen dat een ruwe voorspelling kan maken over het niveau van vermoeidheid van de radioloog." "Dat is een hoopgevend resultaat, dat ons toelaat ons onderzoeksopzet in de toekomst verder te optimaliseren. Te beginnen met de opstelling, die gebruiksvriendelijker en compacter kan, en ook het model zelf moet verder verfijnd worden. Verwacht weliswaar niet dat er binnen enkele maanden een tool op de markt komt die radiologen 'verwittigt' wanneer zij te vermoeid zijn om te werken. Dat is ook onze bedoeling niet. Als bedrijf is het onze bedoeling om radiologen te ondersteunen in hun werk, zodat zij hun prestaties kunnen verbeteren met oog op het verhogen van de zorgkwaliteit. Niet om hen te 'evalueren' of met de vinger te wijzen." Concreet zouden resultaten uit dergelijk onderzoek kunnen ingezet worden om aspecten van de beeldschermkwaliteit te verbeteren, evenals de workflow en 'omgang' met de medische schermen - denk bijvoorbeeld aan de zitafstand tot het scherm -, verduidelijkt Kimpe. Of dat de radioloog een 'indicatie' zou krijgen wanneer hij het type werk kan aanpassen naargelang zijn vermoeidheidsniveau. Voor de radiologen bood dit eerste onderzoek alvast een interessant inzicht in hoe technologie hen in de toekomst nog verder kan helpen in de uitvoering van hun werk en de verdere verhoging van de zorgkwaliteit en dienstverlening aan patiënten, zegt dr. Vanovermeire. Aan hun workflow heeft het team vooralsnog niets veranderd. "Voor ingrijpende veranderingen is het nog te vroeg", benadrukt de radioloog. "Maar het onderzoek was wel een uitnodiging om op bepaalde momenten gedurende de werkdag even stil te staan bij jezelf, bijvoorbeeld na een lange shift, een vermoeiende nacht, ... Hoe fris ben ik eigenlijk nog? Zou ik niet beter eens opstaan en weggaan van het scherm, om daarna opnieuw met volle concentratie het werk te hervatten? Die gewoonte is blijven hangen, en dat is zeker positieve evolutie."