Aangezien er na meer dan 140 dagen nog steeds geen federale regering is, staat het parlementsleden vrij om wetsvoorstellen in te dienen en daarvoor een meerderheid te zoeken. Verschillende partijen zetten het optrekken van de wettelijke termijn waarbinnen iemand een abortus kan laten uitvoeren op de agenda.

Vandaag ligt die in ons land op twaalf weken. Nadien kan het enkel nog wanneer er een ernstig gevaar is voor de gezondheid van vrouw of als vaststaat dat het kind zal lijden aan een uiterst zware, ongeneeslijke kwaal. Dat leidt er onder meer toe dat er jaarlijks honderden vrouwen in hun tweede zwangerschapstrimester naar Nederland trekken om er een abortus te laten uitvoeren (lees ook: 'Tijd om de abortuswet grondig te veranderen'). Daar is een abortus mogelijk tot de 24e week van de zwangerschap.

Open VLD diende een voorstel in om de abortustermijn in ons land op te trekken tot 18 weken. De kans is reëel dat er een parlementaire meerderheid voor gevonden wordt, aangezien verschillende andere partijen al soortgelijke wetsvoorstellen formuleerden, zo commentarieerde Egbert Lachaert (Open VLD-fractieleider in de Kamer) dinsdag in De Ochtend op Radio 1. Samen met partijgenoten Katja Gabriëls en Goedele Liekens diende hij het voorstel in.

Zo wil PVDA bijvoorbeeld naar 20 weken, terwijl PS, Ecolo, Groen en DéFI de termijn net als de liberalen naar 18 weken willen optrekken. "Alleen al met de partijen die een tekst hebben ingediend zitten we aan 67 zetels van de 150, dat betekent dat als sp.a of MR zich daarbij scharen, je een meerderheid hebt", aldus Egbert Lachaert. Onder meer CD&V en N-VA zijn tegen.

Zo ver als Nederland - tot een termijn van 24 weken -- willen de liberalen (en bij uitbreiding de andere partijen met een tekst) niet gaan omdat je volgens Lachaert "dan in een heel delicaat debat dreigt terecht te komen".

Tijdens de vorige legislatuur bereikten meerderheidspartijen N-VA, MR, CD&V en Open Vld al een compromis om abortus uit de strafwet te halen, met de steun van oppositiepartij cdH.