Stagestress, jawel. Af en toe ervaar ik immers momenten waarop ik denk dat ik nog niet genoeg klaargestoomd ben om al in de praktijk aan de slag te gaan. Wanneer mijn broer een pijnlijk been had, bijvoorbeeld, en me kwam vragen welke spier er hier nu de boosdoener is.

We moesten samen mijn anatomieboek bovenhalen om op onderzoek te gaan. Want dat het om een extensor ging, kon ik met een heldere geest nog achterhalen. De naam van de mogelijke spier zweefde ergens heel ver weg in mijn achterhoofd. Aangrijpingspunt en bezenuwing? Geen flauw idee. Mijn broer was geschokt. Dit vak had ik toch al afgelegd?

"Dat was leerstof van mijn eerste jaar", mompelde ik. Maar door mijn eigen gebrekkige parate kennis voelde ik me erg incapabel. Op zulke momenten voelt mijn geheugen als een zeef waardoor de leerstof de afgelopen maanden geduwd is. Grove materie blijft met wat geluk hangen, maar de fijngevoeligheid en de nuance van de leerstof blijken onherroepelijk verloren te gaan.

Ik heb schrik dat ik tijdens mijn stagejaar de black-outs van mijn ooit gestudeerde leerstof ga invullen, in plaats van mijn toenmalige kennis aan te vullen en in praktijk om te zetten. "Dat een stagejaar dient om te leren", wordt er soms gesust. Maar ik wou dat ik niet met een algemeen gevoel van onwetendheid hoefde te starten.

Onze campus ligt vlak naast het UZA, en toch spenderen wij nog steeds zo goed als onze volledige studietijd op de schoolbanken

"Volkomen normaal", antwoordde een vriendin, ondertussen haio en bovendien mijn geneeskundige ruggengraat. Dat ook bij haar de puzzelstukjes pas in elkaar vielen tijdens het stagegezwoeg. Dat ik vertrouwen moet hebben in mezelf. Dat je praktische kennis pas tijdens het stagejaar echt opgedaan wordt.

Is dat niet triest? Onze campus ligt vlak naast het UZA, en toch spenderen wij nog steeds zo goed als onze volledige studietijd op de schoolbanken. Over drie maanden mag ik meelopen op diensten waar ik drie jaar geleden de theorie van onderwezen kreeg. Na de confrontatie met het pijnlijke been van mijn broer, moet ik met spijt in het hart toegeven dat het grootste deel van die leerstof zeer ver weg zit. Net als mijn klinische vaardigheden, die één keer gedurende de bachelor of master onderwezen worden.

Maar dan bladert mama vorige week door de krant die kopt dat het aantal diabetes type 1-patiënten stijgt, en vraagt mij om uitleg. Voor ik het besef, floept er "kijk, diabetes type 1 is een auto-immuunaandoening" uit mijn mond en ben ik heel even onder de indruk van de kennis die ergens toch nog opgeslagen lijkt in mijn brein, en spontaan zijn weg naar buiten vindt.

Misschien kan ik dat stagejaar toch wel aan.