De kritiek luidt onder meer dat de gezondheidszorg onvoldoende of niet gevalideerde medische hulpmiddelen gebruikt. Dat is een eerder belegen bedenking. Niet alleen overspoelt een ware tsunami van medical devices de markt, ze zijn bovendien aan minder strenge regels onderworpen dan geneesmiddelen. Een CE-label volstaat vaak al. Dat is vragen om moeilijkheden. Merkwaardig is wel dat een overheid soms medische spullen terugbetaalt zonder goed te weten wat ze nu precies doet.

Merkwaardig is dat een overheid soms medische spullen terugbetaalt zonder goed te weten wat ze nu precies doet

Ook de te nauwe banden tussen industrie en artsen gaan op de schop. Uiteraard draait het om geld. Zoals wel vaker dekken sensationele titels de lading echter niet. De teksten leren dat het zoeken is naar de spreekwoordelijke naald in de hooiberg. Het gebeurt. Natuurlijk. En elk geval waarin financiële motieven geneeskundige handelingen - deels - beïnvloeden, is er één te veel. (Toenemende) transparantie is een goede zaak. Maar de vele miljoenen die van de industrie naar privéonderzoek(ers) vloeien zijn wel nodig. Zonder centen geen wetenschappelijke vooruitgang.

Want heel wat roeptoeters claimen een zo goed als onbestaand alternatief. Met een beslag van meer dan 50% en een immer nooddruftige staat, blijft het dromen van een performant overheidsapparaat. De administratie heeft onvoldoende geld voor controle, voor innovatieve projecten, voor de registratie van implantaten...

En ook, waardenvrij of belangeloos is de overheid niet. In theorie heet het dat de besluitvorming democratisch gelegitimeerd is en enkel het algemeen belang voor ogen heeft. Al te vaak is dat een lachertje; diep is de kloof tussen de burger en wat ambtenaren en politici met zijn centen uitvreet.