...

Dit arrest kwam er nadat het Grondwettelijk Hof aan het Europees Hof had gevraagd of de toenmalige Belgische wetgeving, die de btw-vrijstelling voorbehield voor WUG-beroepsbeoefenaars wel conform het Europees recht was. Na het arrest van het Hof van Justitie vernietigde het Grondwettelijk Hof op 5 december 2019 de omstreden bepaling. Maar het voegde er wel aan toe dat bij wijze van overgangsregeling de bepaling niet met terugwerkende kracht werd vernietigd en nog gevolgen mocht hebben tot 1 oktober 2019. Het Hof motiveerde dit doordat het moeilijk zou zijn om de ten onrechte geïnde btw terug te betalen. Dat leek een verstandige beslissing want pas door een wet van 11 juli 2021 werd de vrijstelling van btw voor medische verzorging ingevoerd conform het arrest van het Hof van Justitie in de chiropraxiezaak.Klacht van een osteopaatEen beoefenaar van de osteopathie, evenmin een WUG-beroep, diende voor de prestaties die tijdens de overgangsperiode waren verricht nog btw te betalen aan de fiscus en vocht dit aan bij de rechtbank van Gent. Die stelde op haar beurt een prejudiciële vraag aan het Europees Hof van Justitie. Samengevat luidde de vraag of het Grondwettelijk Hof wel bevoegd was om de gevolgen van een bepaling waarvan het zelf had vastgesteld dat zij strijdig was met het Europees recht nog tijdens een overgangsperiode te handhaven.Beslissing van het Hof van JustitieHet Europees hof wees erop dat het in strijd zou zijn met de voorrang van het Europees recht op het nationaal recht en ook in strijd met een uniforme toepassing van het Europees recht als een nationale rechter, ook al is het maar tijdelijk, voorrang zou geven aan het nationale recht. Heel uitzonderlijk zou omwille van de rechtszekerheid wel hiervan kunnen worden afweken. De budgettaire en administratieve praktische problemen in verband met de terugbetaling van ten onrechte geïnde btw kunnen volgens het Hof echter niet worden beschouwd als uitzonderlijk. En dus was het Grondwettelijk Hof niet bevoegd om de vernietigde bepaling nog een tijdlang te handhaven.[1] Arrest Hof van Justitie C-355/22[2] Zie voor details mijn boek 'Gezondheidszorgberoepen', 33-34.