Doet de planningscommissie haar werk goed en hanteert ze alle parameters correct, dan moet de uitkomst dezelfde zijn. Ongeacht of ze nu Vlaams of federaal is. Althans, dat zou men toch denken. Wat meespeelt, zijn revanchegedachten. Al decennia lang trekt Franstalig België zich geen zier aan van de contingentering. In het zuiden van het land is er 'penurie' en dus leidt men à volonté artsen op. Waarom Vlaanderen dan niet? Zeker als het niet in het ijle gebeurt maar rationeel onderbouwd wordt.

Wat meespeelt, zijn revanchegedachten

Bovendien houdt Vlaanderen zo een nuttige (politieke) stok achter de deur. Stel dat de Vlaamse subquota het federale quotum toch overschrijden. Hebben we dan plots geen tekorten meer in sommige disciplines? Natuurlijk niet. Al zijn er meer psychiaters nodig, je kan niemand dwingen een opleiding psychiatrie te volgen. Zeker als blijkt dat een psychiater amper meer verdient dan een huisarts. Zo bijt de hond in zijn staart. Er is een fundamentele herijking van de (federaal bepaalde) erelonen nodig. Dat zal echter nog jaren aanslepen.

Tot slot. Wat met de 286 'ongunstig gerangschikten' op het ingangsexamen? Wel geslaagd, toch niet toegelaten tot de studies... Hun weinig benijdenswaardige lot zet de functie van de toelatingsproef op scherp. In de loop der jaren werd het examen steeds moeilijker omdat de selectie kost wat kost moest sporen met het toegelaten Riziv-quotum. Volgens de voorzitter van de examencommissie was de test in 2019 echter juist gemakkelijker dan vroeger. De consequentie is - als men binnen het quotum wil blijven - dat niet alle geslaagden aan de studies mogen beginnen. Bizar toch.