...

In een tijdperk waarin alles digitaal verloopt, is het niet meer dan logisch dat ook zorggegevens elektronisch gedeeld kunnen worden. Dat zei welzijnsminister Jo Vandeurzen (CD&V) in juli vorig jaar, toen de Vlaamse regering haar principiële goedkeuring hechtte aan het decreet dat hij samen met Geert Bourgeois (N-VA) indiende. Dat decreet legt de rechten en plichten van patiënten en zorgverleners vast en moet helpen om hun administratieve belasting te verminderen. Niemand betwist dat er regels en taakafspraken over gegevensdeling nodig zijn. Maar het repressieve karakter van het decreet, dat artsen kan verplichten om gegevens te delen, is een gemiste kans. Wie weigert, riskeert boetes die kunnen oplopen tot 40.000 euro voor individuele zorgverleners en tot 100.000 euro voor instellingen. De buitensporigheid van die boetes geeft aan hoe diepgeworteld het wantrouwen is ten opzichte van 'het veld'. De vraag is bovendien welke zeggenschap artsen zullen hebben in het Agentschap dat de elektronische uitwisseling van gegevens reguleert en controleert. In de raad van bestuur van dat Agentschap zijn de zorgverleners in de minderheid. Daar staat tegenover dat de Vlaamse regering over gevoelige issues - zoals de verplichting om een elektronisch deelbaar dossier bij te houden - enkel kan beslissen na eensluidend advies van het Agentschap.