In het 'plaspoort' staan de verschillende stappen richting zindelijkheid en de signalen die je kan herkennen bij je kind. Het moet een overzicht geven van de vorderingen op het gebied van zindelijkheid voor alle mensen die met het kind bezig zijn: grootouders, crèche, etc.

Het Agentschap Opgroeien gaf hierbij een nieuw advies: ze stellen 18 maanden als beginleeftijd om kinderen spelenderwijs met het potje in contact te brengen. Nochtans viel die leeftijdsgrens vroeger steeds op 2 jaar.

Druk op ouders

Deze evolutie is niet zozeer positief. Ze zorgt immers voor veel extra druk op de schouders van kinderen én ouders. Normale zindelijkheid gebeurt meestal tussen de leeftijd van 2 en 5 jaar. Veel kleuters zijn dus noch fysiek noch mentaal al klaar om zindelijk te worden op de leeftijd van 2 jaar, laat staan op de leeftijd van 1,5 jaar.

Een instrument als het 'plaspoort' creëert daarnaast ook enorme verwachtingen ten opzichte van de ouders. Ouders worden op die manier met de vinger gewezen wanneer hun kind volgens 'de normen' nog niet snel genoeg zindelijk is. Het is nog maar eens een reden voor werkende moeders om zich, ten onrechte, te schamen omdat niet alles verloopt volgens schema. De reacties van buitenaf wakkeren op die manier onzekerheid aan over hun opvoedingscapaciteiten.

Kinderen vanaf 1,5 jaar op een dwingende manier begeleiden naar het potje zou alleen maar nefast zijn voor de omgang met zindelijkheid

Al deze elementen zorgen ervoor dat ouders zich gepusht voelen om hun kind zo vlug mogelijk op het potje te laten gaan. Zulke druk betekent een groter risico om het kind te forceren, iets wat het tegenovergestelde effect kan generen. Ze riskeren zo het zindelijkheidsproces te blokkeren of de kleuter zelfs angstig te maken voor het potje.

Prestatiedrang

Onze samenleving is nu al beducht voor de enorm hoge prestatiedrang die er heerst voor zowel kinderen als ouders. Kinderen vanaf 1,5 jaar op een dwingende manier begeleiden naar het potje zou alleen maar nefast zijn voor de omgang met zindelijkheid. Ouders met de vinger wijzen is evenmin een positief signaal. Geef ouders en kinderen wat respijt.

Laat onze kinderen nog even kind zijn en ze op hun eigen tempo leren. Geef ze een potje wanneer ze aangeven hier klaar voor te zijn en niet omdat 'het plaspoort' wacht om ingevuld te worden. Het draait tenslotte nog steeds om het welzijn van het kind en niet om een blaadje papier dat torenhoge verwachtingen oplegt.