Het antwoord schuilt in de goal-oriented care. Je kijkt naar de doelstelling van de patiënt en naar wat hij of zij wil bereiken van kwaliteit in het leven. Stel, mijn diabetespatiënt drinkt graag elke avond een glas wijn. De wetenschap zegt dat dit wellicht iets zal doen aan zijn complicaties en levensduur. Wat doe je dan? Je wordt plots de coach die motiveert om goed gedrag te stimuleren.

Maar het gaat verder. Ik weet dat mijn 73-jarige patiënt met lichte geheugenstoornissen en een gemetastaseerd mammacarcinoom gebaat is met radiotherapie. Maar ze weigert. Ze kiest ervoor om thuis te blijven en elke dag met haar hond te gaan wandelen. Ze weet dat ze niet lang meer te leven heeft. De rest van haar leven spendeert ze liever wandelend over straat dan in de wagen op weg naar de radiotherapie-eenheid. Het lijkt zo logisch... Al zegt de EBM iets anders.

Wint de patiënt altijd iets bij evidence-based medicine? Het antwoord schuilt in goal-oriented care

De grenzen worden vager wanneer mijn patiënt met een nog relatief lange levensverwachting chemotherapie zou weigeren. Dan heb ik wel iets aan mijn evidentie. Ik heb onmiddellijk materiaal ter beschikking om te argumenteren. Vanuit mijn medisch dossier wandel ik zonder veel moeite alle richtlijnen binnen en krijg ik niet alleen de meeste recente updates maar ook de juiste boodschappen voor de patiënt. Ik kan, aan de hand van de correcte kennis van richtlijnen, een triple aimbeleid uitwerken op maat van mijn patiënt. Winst in gezondheidszorg, winst in kwaliteit, en minder kosten... Allemaal dankzij de evidence linker en CDLH. Ik kan mijn patiënt laten zien waarom iets wel of niet kan. En dan kan ik met mijn patiënt zijn weerstand bekijken.

Er is veel veranderd in 10 jaar. Mijn EBM werd een GOC, op basis van evidence. Het OOS'en van ooit is een evidence linker met 1 klik in plaats van 3. Het werd Triple Aim.