...

Na het behalen van zijn diploma geneeskunde studeerde Stoffels tropische geneeskunde, waarna hij richting Afrika trok om onderzoek te doen naar hiv. Dat zou als een rode draad door zijn carrie lopen. Hij keerde naar Belgiterug en ging aan de slag bij Janssen Pharmaceutica in Beerse, waar hij de gelegenheid had samen te werken met Paul Janssen, die voor hem een voorbeeld zou zijn.De volgende carriestap was Tibotec, een bedrijf dat medicijnen tegen hiv ontwikkelde. Later richtte hij samen met zijn partner Rudi Pauwels bij Tibotec Virco op. Ze konden een aantal efficite aidsremmers op de markt brengen. J&J kocht de firma op en Stoffels klom verder op in de J&J hiarchie.'Iets wat ze je nooit afnemen, is een geneesmiddel te hebben gemaakt dat een verschil kan maken", hebt u ooit gezegd. Zit er een beetje Paul Janssen in u?Er zit zeker Paul Janssen in mij, maar er zit ook Paul Janssen in de mensen van ons bedrijf. Je moet niet alleen komen werken om geld te verdienen maar ook met de motivatie om mee het verschil te kunnen maken. Ik had het grote geluk om lange tijd met Paul Janssen samen te werken. Het is fascinerend om zoals hij samen met een aantal mensen chemie en biologie om te toveren naar iets waar iedereen beter kan van worden.Wat betekent het merk 'Paul Janssen' voor J&J?Veel uiteraard. Alle nieuwe en bestaande geneesmiddelen binnen J&J worden sinds vorig jaar wereldwijd onder het merk Janssen verkocht. De keuze is ingegeven omdat J&J de combinatie is van een wetenschappelijk bedrijf en een bedrijf met een humanitaire missie. Paul Janssen was daarvan een uitzonderlijk boegbeeld.Is dat bijvoorbeeld voor de Chinese markt een extra troef?China is een geval apart. Daar wordt sinds de overname van Janssen Pharmaceutica alle medicatie van J&J onder het Xian-Janssenlabel verkocht. Dat kennen de meeste Chinezen. Het is het gevolg van een succesvolle joint venture tussen Janssen Pharmaceutica en de Chinese overheid. In 1985 kreeg Paul Janssen het als n van de eerste westerse ondernemers voor elkaar in China een bedrijf te starten. Hij onderhield zeer goede contacten met zowel de overheid als de academici. Dat bleek een hele goede zet.De hiv-problematiek ligt u na aan het hart. Wat is uw persoonlijke impact op de hiv-divisie binnen J&J en heeft u ondanks uw drukke job nog tijd om de ontwikkelingen omtrent hiv in de wereld te volgen?Ik blijf nog steeds de strategie van hiv binnen J&J mee uitstippelen, maar ik ben ook nauw betrokken bij de samenwerking met de Gates-Foundation, de WGO en UNAIDS over hoe we geneesmiddelllen in de derde wereld ter beschikking kunnen stellen. Wij zijn n van de meest vooruitstrevende bedrijven op het gebied van aids en tuberculose, vandaar onze nauwe band met de stichting van Bill Gates die deze problemen ook probeert aan te pakken. De nieuwste aidsremmer die we op de markt brachten, geeft de mogelijkheid om n keer per dag n pil in te nemen.De ontwikkeling van een efficit geneesmiddel is n zaak, het betaalbaar verspreiden is een andere, denk maar aan aidsremmers. In welke mate kan een groot bedrijf daar een rol in spelen?In de 95 armste landen worden aidsremmers ter beschikking gesteld. J&J werkt daar volop aan mee. Wij brengen via Indische bedrijven die zeer goedkoop kunnen produceren die middelen op de markt tegen een zeer lage prijs. Wij leveren de technologie en maken daar geen winst op. Uiteraard is er wel een strikte kwaliteitscontrole. Het Global Fund, en voornamelijk de Amerikaanse regering, financieren de ontwikkelingslanden om de medicatie aan te kopen. Het kost slechts een halve n dollar per dag om iemand te behandelen. Medicatie is dus niet het echte probleem. De correcte verspreiding, dat is waar het schoentje knelt. Er zijn niet genoeg artsen, niet genoeg zorgverleners en een ontoereikende infrastructuur. Wij hebben als firma een belangrijke bijdrage geleverd. Het frustrerende is dat slechts een vierde van de patiten die baat hebben bij aidsremmers bereikbaar zijn. Het is uiteraard de verantwoordelijkheid van de individuele landen om daar in samenwerking met de VN en internationale hulporganisaties aan te werken. Recente studies tonen aan dat de kost om een patit te behandelen voor 20% naar medicatie gaat en voor 80% naar implementatie. Het is veel te gemakkelijk voor diverse organisaties om te schieten op de industrie.Hoe evolueren de budgetten voor onderzoek en ontwikkeling in grote firma's? Wordt daarop bespaard? Enerzijds zijn er mogelijke inkomstendalingen, anderzijds wordt de ontwikkeling van nieuwe producten steeds duurder en duurt het vaak langer eer een product op de markt komt, dus de winstperiode is korter. Is er druk van de aandeelhouders om de winst op korte termijn te optimaliseren?Ik geef toe: dat is een precair evenwicht op dit moment. Wij voelen uiteraard ook die druk. Innovatie is hier het sleutelwoord. Firma's zijn volledig afhankelijk van hun nieuwe ontwikkelingen. Budgetten zijn belangrijk, maar lossen niet alles op. Je moet ook de juiste mensen hebben en een dosis geluk. We zien dat er bij bedrijven in moeilijkheden dikwijls een gebrek aan innovatie is. Ik kan natuurlijk niet ontkennen dat de wereldwijde economische crisis uiteindelijk een impact heeft op de farmaceutische industrie. Maar nogmaals, dan is het belangrijk dat je als firma kan terugvallen op een kwalitatieve onderzoek- & ontwikkelingsafdeling. Je moet gewoon binnen de industrie proberen de beste te zijn. Dat is niet altijd eenvoudig. Wij nemen daarvoor spectaculaire risico's, we investeren megabudgetten in research: het gaat hier om 4,2 miljard dollar per jaar. Dat is wellicht meer dan men in heel Vlaanderen investeert in onderzoek en ontwikkeling.In Belgikrijgt de verkoop van geneesmiddelen flinke klappen als gevolg van de generieken. Denkt u dat op lange termijn de generieken een echte winst zijn voor de individuele patit?Voor ons is de generiekenmarkt een feit. De discussie over generieken is niet aan de orde. Ze zijn er, we moeten daar rekening mee houden. Ik heb leren leven met het feit dat wanneer een geneesmiddel zijn patent verliest, die markt voor ons vrij snel afgesloten is. Dat is de reden dat je voluit voor innovatie moet blijven gaan. De weerslag van de generieken bestaat sinds een tiental jaar, bij patentverloop was dat in het begin traag, nu snel. Dat is een realiteit, je moet dat incalculeren in je businessplan. Mogelijk zouden nieuwe geneesmiddelen goedkoper geweest zijn indien er geen generieken waren, maar dat weet je uiteindelijk niet.Moeten de patenten verlengd worden?Omdat O&O zo cruciaal is voor de toekomst, is het logisch dat de farmaceutische industrie probeert te lobbyen om de patenten aan te passen aan de huidige situatie, die niet meer te vergelijken is met 20 jaar geleden. Laten we niet vergeten dat het de farma-industrie is die nieuwe geneesmiddelen op de markt brengt, of het nu voor aids is of in het domein van de oncologie. Het zijn niet de universiteiten of de nationale gezondheidsinstellingen. Als wij dat niet doen, dan zijn er geen doorbraken in de behandeling voor patiten. Maar patenten liggen nu eenmaal internationaal vast. Dat kan je zomaar niet veranderen. Dat is de verantwoordelijkheid van de World Trade Organization. Je kan natuurlijk hopen op verandering en eraan werken, maar je mag daar als firma eigenlijk geen rekening mee houden.Binnen J&J houdt u zich ook bezig met overnames. Op 20 jaar tijd hebben wij in ons land het aantal farmaceutische bedrijven spectaculair zien dalen door verscheidene fusies. Zal deze evolutie zich nog verderzetten?Dat is moeilijk in te schatten. De kost om een nieuw medicijn op de markt te brengen is zo enorm, door de strenge voorwaarden die de overheid stelt. De gemiddelde kostprijs van een nieuw geneesmiddel ligt tussen de twee en de vier miljard dollar. De generiekenfirma's zorgen voor prijsdalingen en minder winsten. Dat is voor sommige bedrijven de doodsteek. Een overname of een fusie zien ze dan als enige uitweg. De grote benefit is schaalvergroting en een wereldwijde afzetmarkt. Anno 2011 heb je immers de wereld als afzetmarkt nodig als je een nieuw geneesmiddel wil ontwikkelen. Dat is de enige mogelijkheid om de investeringen te verantwoorden. De nationale of Europese markt is daarvoor te klein.Hebben fusies of overnames grote nadelen?Het is enorm moeilijk om culturen van bedrijven die 20 of 50 jaar bestaan, samen te brengen en succesvol een nieuw bedrijf te starten. Fusies en overnames hebben ook altijd en overal een impact op de werkgelegenheid. Of er een toekomst is als men fuseert is trouwens nooit zeker.Het heeft ook repercussies naar de eindverbruiker, geneesmiddelen kosten meer. Het feit dat er minder firma's zijn en dus minder concurrentie kan de prijs verhogen. Maar uiteindelijk zijn toch voornamelijk de onderzoekskosten en de kortere patentperiode daar de oorzaak van.Astra Zeneca haalde recentelijk de internationale pers wegens het schrappen van de budgetten voor sponsoring van artsen, bijvoorbeeld de kosten voor internationale congressen. Gaat het hier louter om besparingen of om ethische overwegingen?Er zijn aan sponsoring heel strikte regels verbonden, die continu restrictiever worden. Steeds meer gaan de overheden controleren en firma's beteugelen omdat ze artsen sponsoren. Zij vinden dat er een vorm van belangenvermenging is. Ik denk dat sommige bedrijven de administratieve rompslomp niet meer zien zitten en dat dit de belangrijkste drijfveer is om ermee te stoppen.Denkt u dat artsen daardoor anders gaan voorschrijven?Ik hoop van niet. De gezondheidszorg beter maken, dat is onze filosofie. Congressen zijn nuttig om wetenschappelijke informatie te verstrekken en uit te wisselen, ze zijn een belangrijk forum om bij te blijven met de nieuwste ontwikkelen, guidelines en om in discussie te gaan met mensen die in hetzelfde vakgebied aan de slag zijn. De industrie heeft hier haar steentje bijgedragen door artsen de mogelijkheid te bieden om dat te doen. Meer niet. Als de autoriteiten dat niet meer toestaan, moeten ze zelf inspanningen doen om artsen de mogelijkheid te geven voldoende congressen bij te wonen.U heeft vanuit uw functie een zicht op de kwaliteit en de toegankelijkheid van de medische zorg in de wereld. Hoe zou u de gezondheidszorg in Belgipositioneren binnen de 'rijke' landen?In vergelijking met de Verenigde Staten is de gezondheidszorg enorm verschillend. In de VS zal men je niet behandelen als je geen geld hebt of niet verzekerd bent. De zorg is daar ook inefficit georganiseerd. In Belgizal men iedereen, ongeacht rang, stand of kleur, op dezelfde manier correct behandelden. Binnen de Europese landen denk ik niet dat de kloof enorm groot is. Mensen in Belgibeseffen soms niet hoe goed de gezondheidszorg hier is. Komt u graag terug naar Belgien wat mist u het meest?Wat ik mis? Voornamelijk mijn kinderen, mijn familie en vrienden, lekker eten. Ik woon in New Jersey voor professionele redenen, maar een hechte vriendenkring opbouwen is toch niet zo evident. Gelukkig kom ik vaak naar hier, want ik ben wel nog actief in Beerse. Enkel het slechte weer in Belgiis minder aangenaam.Wat zou u nog willen realiseren?De grote gezondheidsproblemen verder blijven aanpakken, meer bijdragen leveren om hiv te bestrijden. Maar ook in andere domeinen. We hebben bijvoorbeeld enorme vooruitgang geboekt inzake hepatitis C; J&J brengt binnenkort een zeer krachtig medicijn op de markt. In de oncologie zou ik graag enkele doorbraken realiseren. We hebben net een nieuwe behandeling voor prostaatkanker, die een echte stap vooruit is. In het domein van vaccinatie voor kinderen wil ik ook mijn steentje bijdragen. Neurowetenschappen is een andere fascinerende uitdaging waar we op dit moment volop werken aan geneesmiddelen tegen alzheimer, schizofrenie, bipolaire stoornissen,... Er is nog veel te doen, maar ik voel me goed en hoop dat ik nog lang kan blijven doorgaan.