...

Het is een fragment uit de column 'Eigen dokter' van Joost Zaat, de populaire Nederlandse huisarts die wekelijks schrijft voor de Volkskrant. Recent werden zijn columns gebundeld in 'De Praktijk van een huisarts'. Voor dat boek maakte Zaat een selectie van niet minder dan 50 bijdragen die hij de afgelopen jaren schreef. Van een dame die boos is omdat de dokter op vakantie was tot een diabetespatiënte die liever een maagverkleining wil dan haar eetpatroon te veranderen ('Leefstijlproblemen') en een jongeman die bang wordt van alle informatie die hij via Google opzoekt ('Kankerangst'). In zijn columns beschrijft Joost Zaat dagdagelijkse situaties en patiëntencontacten in zijn huisartsenpraktijk. Soms ernstig, soms grappig, maar steeds met veel respect voor de patiënt.Door zijn kritische houding tegenover de organisatie van de gezondheidszorg, overstijgen zijn columns en bij uitbreiding het hele boek het puur anekdotische. Zo kaart hij o.m. problematieken aan als geneesmiddelentekorten, overbehandeling, de toenemende administratielast waar zorgverleners zich geconfronteerd mee zien, ... Bij momenten weerklinkt ook oprechte ergernis over alles wat naar bureaucratie neigt en van bovenaf wordt opgelegd ("Onbenullige toezichthouders").De betrokken lezer zal al snel begrijpen dat dit boek op twee manieren gelezen kan worden; als een 'gewone' inkijk in het wel en wee van een (Nederlandse) huisartsenpraktijk. En/of als een oproep tot (her)waardering van het beroep van de huisarts. Daar geeft de auteur zelf enige reden toe in zijn voorwoord: "Bijna helemaal onderaan in de zorghiërarchie, daar bungel ik. 'Onder' de huisarts komen alleen nog andere eerstelijnshulpverleners en de patiënt. [...] Als huisarts moet je veel slimmer zijn en meer kunnen dan een specialist die slechts enkele trucjes tot in de finesses beheerst"). En ook: "Ook problemen waarvoor specialisten geen oplossingen kunnen verzinnen, komen altijd weer terug op mijn bordje". Zíjn speelveld is het hele leven, schrijft Joost Zaat bij wijze van repliek, "en er is weinig verslavender dan dat". Het zijn vooral die laatste woorden die het beste aansluiten bij onze algemene indruk van het boek geven en die we als lezer dan ook zullen onthouden.