De minister lanceert een reeks proefprojecten om burn-out op de werkvloer vroegtijdig op te sporen.

"Burn-out is een belangrijk maatschappelijk probleem. Het aantal mensen met een burn-out zit jaar na jaar in de lift en het is vaak zeer moeilijk om ervan af te geraken."

Met de proefprojecten wil de minister vermijden dat het zover komt dat werknemers daadwerkelijk een burn-out ontwikkelen.

Een eerste project wordt geleid door Fedris, het Federaal Agentschap voor Beroepsrisico's en richt zich specifiek tot de ziekenhuis- en banksector. Werknemers die een hoog risico lopen om een burn-out te ontwikkelen of die al eerste signalen vertonen, krijgen er een begeleidingstraject toegewezen.

De Block: "Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het risico op een burn-out daar hoog is. Bovendien zijn beide sectoren zich daar goed van bewust en hebben ze zelf al verschillende acties geïmplementeerd."

Zowat 1.000 werknemers kunnen deelnemen aan dit project, dat drie jaar zal duren. De minister trekt er 2,5 miljoen euro voor uit.

Daarnaast komen er twaalf pilootprojecten in verschillende andere sectoren. De aanpak die zij in de praktijk zullen uittesten, kan gaan over innovatieve behandelmodellen tot diagnostische tests of een systeem om alarmsignalen vroegtijdig te herkennen op de werkvloer.

In totaal hadden 77 pilootprojecten een voorstel ingediend. De twaalf geselecteerde projecten zullen één jaar lopen. Voor alle projecten samen trekt de minister 1,52 miljoen euro uit.

Tot slot komt er een campagne met een website die burgers moet helpen om de signalen van burn-out in een vroeg stadium te herkennen. "Veel mensen weten nog te weinig over burn-out, waardoor ze de signalen niet herkennen en niet of te laat ingrijpen. Daarom is het belangrijk dat we informatie die we hebben over deze aandoening bundelen en op een duidelijke, verstaanbare manier."

De campagne start midden februari.