...

Verrassend veel huisartsen verkiezen a priori controle (Hoofdstuk IV) boven a posteriori controle (II). "De reden ligt voor de hand" zegt dr. Marc Moens, ondervoorzitter van de Bvas. "Met een a priori controle zou er meer rechtszekerheid zijn omdat de adviserend geneesheer zijn toestemming vooraf heeft gegeven."Maar er zijn geen zekerheden meer, vervolgt Moens. Hij brengt de monsterboetes in herinnering die de dokters Francis Coucke en Anne-Marie Uyttersprot door het Riziv aangesmeerd kregen. "Voor de geneesmiddelen die ze aan CVS-patiënten voorschreven, hadden ze nochtans voorafgaandelijke toestemming van ziekenfondsartsen. Toch verloren ze hun zaak, zowel in beroep als bij de Raad van State." De rechtszekerheid bij Hoofdstuk IV is zeer relatief want het precedent van de monsterboetes toont aan dat de adviserend arts een beslissing eenzijdig kan herroepen, zegt Moens. "Al naargelang de concrete situatie kan de voorschrijvende arts dan veroordeeld en beboet worden."Dat er nood is aan vereenvoudiging is evident, vindt Moens. In 2005 al liet zijn syndicaat een beperking van het aantal geneesmiddelen in Hoofdstuk IV inschrijven in het akkoord. "Maar de ziekenfondsen beslisten integendeel om de controle op te voeren om 20 miljoen te besparen. Door artsen op voorhand om uitleg te vragen doe je de administratie uiteraard nog aanzienlijk toenemen."Een arts die voorschrijft in Hoofdstuk II weet dat er controle kan volgen. Maar eventuele straffen voor onterecht gebruik kunnen dan alleen bij artsen die al onder monitoring staan. "De Bvas heeft afgedwongen dat de controles beperkt blijven tot artsen van wie het voorschrijfprofiel buiten de normen valt."Veel geneesmiddelen uit Hoofdstuk IV kunnen naar Hoofdstuk II, maar het is geen zwart-witverhaal, nuanceert Moens. "De regels zijn vaak voor interpretatie vatbaar en er zijn ook voorbeelden van huisartsen die een adviserend arts kunnen overtuigen om een negatief terugbetalingsadvies toch goed te keuren. Geneeskunde is nu eenmaal geen exacte wetenschap."Hij verwacht dat Recip-e, het elektronisch voorschrijven van geneesmiddelen, de administratieve afhandeling in Hoofdstuk IV zal verlichten.