Deel 17

12/02/18 om 09:02 - Bijgewerkt om 09:03

De nieuwe syndicale artsenverkiezingen zitten er aan te komen. Sinds vele verkiezingen wordt steeds een welbepaalde representativiteit van artsensyndicaten in vraag gesteld.

Deel 17

© RV

Bij de komst van de nieuwe alliantie AADM werd een constructie door de overheid aanvaard waarin alle wettelijke voorwaarden zouden zijn voldaan om deze alliantie toe te laten tot de verkiezingen. De discussie focuste zich op de vraag of er specialisten lid waren van de alliantie. En ja, er zouden specialisten van de alliantie lid zijn wat dus deze constructie voldoende wettelijk maakte om deel te nemen aan de syndicale verkiezingen.

De wet wordt nu minstens aangepast. En waar het vroeger een vraag was of er huisartsen én specialisten lid waren van de syndicaten, komt er nu wel een cijfermatige vereiste over aantal.

De mediafocus zal wel weer op het aantal specialisten van de alliantie liggen.

Maar als we nu eens de focus legden op het aantal huisartsen in álle deelnemende syndicaten. Want het is en blijft - voorlopig - een goed bewaard geheim om het aantal huisartsen te kennen die lid zijn van Bvas en ASGB-kartel.

Er is nu geen ontkomen aan. De wet die steeds huisartsen heeft tegengehouden om zichzelf te mogen zijn als syndicaat - herinner u het carrousel rond de deelname van het SVH - wordt nu aangepast.

We kunnen eindelijk twee concrete vragen stellen: hoeveel specialisten zitten er in elk deelnemend syndicaat én hoeveel huisartsen zitten in elk deelnemend syndicaat?

Het soort democratie dat huisartsen steeds heeft tegengehouden om zich te mógen verdedigen, zal nu ook moeten gelden voor de specialisten.

De nieuwe wet zal voor iedereen gelijk zijn en dat is minstens een vereiste binnen democratische verkiezingen.

Of die nieuwe democratie ook de huisartsen eindelijk correct zal verdedigen is dan weer een andere discussie. Dat zou dan weer met stip op de klaagmuur mijn grote geluk zijn.

Lees meer over: