Herman Moeremans
Herman Moeremans
Huisarts
Column

18/04/17 om 14:16 - Bijgewerkt om 14:16

Het 'juk' prestatiebetaling of het 'dogma' van de forfaitaire geneeskunde?

Het was in De Standaard dat de collega's Roy Remmen en Ann Van Den Bruel samen de uitspraak deden dat eerstelijnszorg kreunt onder het juk van een versleten betaalsysteem. Het verbaast ons niet. Wie in Vlaanderen vanuit de huisartsgeneeskunde ook een academische carrière weet op te bouwen, vertoeft immers in kringen waar het 'bon ton' is om de klassieke gewoonten en modellen af te wijzen.

Dat ze daarbij ook duidelijk partij kiezen 'pro wijkgezondheidscentra' - ons beperkend tot het betalingssysteem betekent dit: 'pro forfaitaire betaling' - lijkt dan ook logisch. Als dan echter hun eigen werkmodel meteen als 'innovatief en modern ondernemerschap' wordt opgehemeld, dan volgen ze toch enkele zeer eigenaardige gedachtenkronkels. Ik wil dan ook graag enkele bedenkingen toevoegen bij hun argumentaties.

Aanleiding voor het opiniestuk in de krant was het feit dat minister De Block erkenning van nieuwe wijkgezondheidscentra heeft stopgezet. Door hier meteen voorstanders van dergelijke centra te omschrijven als voorstanders van toegankelijke zorg, veroordelen ze meteen alle andere huisartsen alsof die geen toegankelijke zorg willen. Ze miskennen dan de realiteit: in Vlaanderen is huisartsenzorg toegankelijk en goedkoop beschikbaar voor alle patiënten.

Ook wie niet werkt in een forfaitair betalingssysteem heeft momenteel ook de mogelijkheid om een derdebetalersregeling toe te passen. En met een remgeld van amper één euro... ben ik eerder van oordeel dat eerstelijnszorg kreunt onder een gebrek aan waardering... Want tenslotte: is de betaalde vergoeding niet de uitdrukking van de wijze waarop onze diensten worden gewaardeerd?

Volgens de auteurs zou het huidige betalingssysteem, dat nog grotendeels berust op betaling per prestatie, niet meer aansluiten bij wat nodig is om de zorg efficiënt en met grote tevredenheid voor patiënten aan te bieden. In een volgende zin spreken ze dit zelf meteen tegen: "In Vlaanderen is de tevredenheid over de huisartsen groot." En de meerderheid van die Vlaamse huisartsen werkt tot op vandaag nog niet in wijkgezondheidscentra...

Delen

Is de betaalde vergoeding niet de uitdrukking van de wijze waarop onze diensten worden gewaardeerd?

Gemiddeld zijn er in België ongeveer duizend patiënten per huisarts. De auteurs verwijzen naar Nederland en Denemarken waar dat het dubbele is. Het financieringsmodel aanwijzen als verantwoordelijk voor dit verschil is toch wel te kort door de bocht. Het is alleszins zo dat zowel in Nederland als in Denemarken er heel wat meer ondersteuning wordt geboden aan de huisarts. In Vlaanderen is die ondersteuning quasi onbestaande. We weten wel: er bestaat zoiets als Impulseo... Maar die middelen zijn echt niet bereikbaar voor alle huisartsen. Ze zijn bovendien verpakt in een bureaucratisch karkas...

Ook de door de auteurs aangehaalde 'patiëntenstop' is geen probleem van de gemiddelde solo-huisarts. Het is net eerder in die jonge groepspraktijken - die toch zo mooi het in de opleiding voorgestelde groepsmodel willen volgen - dat patiëntenstops worden ingevoerd.

Het betalingssysteem aanduiden als 'de essentie van het probleem' is niet juist. Gezondheidseconomen hebben dit ook al bestudeerd. Hun conclusie klinkt steevast dat we best evolueren naar een gemengd betalingssysteem: een basisforfait omwille van de minimale basisinfrastructuur die elke huisartsenpraktijk nodig heeft, een tweede basis in functie van het aantal patiënten, en daarbij de door de auteurs zo verfoeide vergoeding per prestatie. Mogen we de auteurs terloops er even op wijzen dat minister Kris Peeters momenteel ijverig op zoek is naar een manier om net het idee 'vergoeding per prestatie' ook in te voeren in de verloning in het gewone bedrijfsleven? Zelfs prof Jan De Maeseneer erkent dat 'forfaitaire betaling' niet alleenzaligmakend is...

Huisartsen zijn echt niet gewend om veel over erelonen en inkomens te praten. En in onze bekommernis voor onze patiënten is er geen verschil tussen de forfaitair betaalde wijkgezondheidscentrum-huisarts en de klassieke per prestatie betaalde huisarts.

De wurggreep op de eerstelijnszorg zit hem niet in de tegenstelling prestatiebetaling of forfaitaire betaling. De auteurs van het opiniestukje in De Standaard hebben wel een tipje van de sluier aangeraakt: de toevloed van huisartsenproblemen op de spoeddiensten. Huisartsen kunnen inderdaad vele problemen die nu terechtkomen op spoeddiensten veel goedkoper oplossen... Dat dit niet gebeurt heeft alles te maken met ziekenhuisfinanciering... waarbij ziekenhuizen moeten draaien als een bedrijf. En elke (ook de nodeloze) instroom via spoed is daarbij een door het ziekenhuissysteem dankbaar aangenomen toegift ....