Stijn Geysenbergh
Stijn Geysenbergh
Huisarts in Brecht
Column

02/05/17 om 13:13 - Bijgewerkt om 13:13

Een maatschappelijk debat over burn-out

Net op de vooravond van het verlengde paasweekend lanceerde een parlementslid het voorstel om patiënten met burn-out na een lange afwezigheid proberen te reïntegreren in de arbeidsmarkt.

De patiënten zouden in plaats van terug te keren naar de werkplek waar de problematiek ontstond, tijdelijk een andere job kunnen uitoefenen om zo weer in het ritme van werken en leven in te pikken.

De reacties volgden snel, van constructief (werkgeversorganisaties) tot blind afwijzend (de politieke oppositie). In tijden van visieteksten over 'werkbaar werk' heeft de politiek nu ook burn-out ontdekt.

Het voorstel is in elk geval constructief en het kan een aantal mensen helpen. Alleen al daarom verdient het een eerlijke behandeling.

Voorkómen

Het bedroeft echter wel dat het hele debat over burn-out blijft hangen in wollige teksten waar het zoeken is naar elementen van preventie. De beste behandeling van een burn-out is immers om er nooit één te krijgen.

De vraag waarom de prevalentie van energie- en stressgerelateerde problemen explodeert, gaat verder dan de werkplek alleen. Het is geweten dat vooral persoonsgebonden kenmerken iemand vatbaar maken voor burn-out en dat die in bepaalde werkomstandigheden nu eenmaal makkelijker naar boven komen.

Delen

De beste behandeling van een burn-out is om er nooit één te krijgen

Een grote bevlogenheid, moeilijk grenzen kunnen aangeven, angst voor afwijzing zijn slechts een paar voorbeelden. Redenen waarom wij als zorgverstrekker extra vatbaar zijn. Het is goed dat initiatieven zoals Doctors4doctors in het leven zijn geroepen.

Superarts

En toch is er ontkenning. Bij sommige politici, bij de man in de straat, of zelfs bij artsen die vinden dat 'in hun tijd' er nog veel harder gewerkt werd en de jonge collega's bedorven scheten zijn.

Een soort geïdealiseerde super-arts die nooit bestaan heeft, alleen al omdat hun respectievelijke echtgenotes huis-, tuin-, keuken- en praktijkmanager in één waren (waarvoor hulde).

Ik schrikte overigens zelf dat zoveel haio's last hadden van burn-out klachten. Zelf had ik nog aan een weliswaar niet perfect, doch zeker aanvaardbaar arbeidsstatuut voor de haio meegewerkt, dus zo erg kon het niet zijn.

Maar toch, de combinatie van praktijkwerk met academische taken én een behoorlijk gezinsleven (vaak ook al met kinderen) is zelfs op jonge leeftijd niet evident.

Gespannen verwachtingen

Misschien is dat juist het element waar we als samenleving over moeten bezinnen. Er is zoveel mogelijk in de wereld van vandaag, kiezen is verliezen en de combinatie van allerhande taken en verantwoordelijkheden weegt door.

We willen allemaal een goede job die voldoening geeft en voor veel en bij voorkeur lekker brood op de plank zorgt. We willen vrije tijd, ruimte voor minstens enkele hobby's en de wereld zien.

We willen een bevredigend gezinsleven en tijd voor onze kinderen en kleinkinderen). Velen onder ons willen ook verantwoordelijkheid opnemen voor onze ouders als die zorg nodig hebben. Het huidig maatschappelijk ideaal is het realiseren van die ultieme combinatie.

Werken opwaarderen?

Minder werken? Anders werken? Sneller tevreden zijn met wat je hebt? Voer voor discussie

In elk geval zou onze samenleving er goed aan doen 'werk' opnieuw in een positief daglicht te stellen. Nu lijkt het alsof iedereen tegen zijn goesting werkt en uitkijkt naar het moment waarop hij niet moet werken.

Positieve visies over werken, zoals zelfrealisatie als mens en het gevoel deel te nemen aan de opbouw van de samenleving zouden meer aandacht mogen krijgen. Dat zou zich dan op de werkvloer kunnen vertalen in een gunstiger (samenhoriger?) arbeidsklimaat.

Wat meer bevlogenheid bij alle werknemers beschermt juist hen die nu risico lopen op een burn-out. En hopelijk komt er dan ook meer begrip voor wie uiteindelijk toch uitvalt, loontrekkend of zelfstandig. Het kan immers velen onder ons overkomen.

Lees meer over: